|
"Bosbelasting" ...
Wat is er aan
de hand?
Met de
introductie van de zgn. Bos belasting en het compromis zoals aangenomen
in het regeerakkoord, wordt de Leeftijdsgroep geboren tussen 1945 en
1950 het kind van de rekening. In het vorige kabinet onder leiding
van Dhr J.P. Balkenende (CDA) is besloten om de fiscale voordelen t.a.v.
het prepensioen af te schaffen. Mede door het massale protest
destijds en volledig ondersteund door de leider van de Partij van de
Arbeid, Wouter Bos, zijn deze plannen enigszins afgezwakt.
Een beperkte
groep werknemers heeft onder het vorige kabinet nog enig respijt
gekregen. Deze groep, geboren voor 1950, mocht nog gebruik blijven maken
van de fiscale voordelen. In het bedrijfsleven werd deze groep
werknemers ook wel bestempeld als "Goudhaantjes". Een voorwaarde
was echter wel dat dit in het bedrijfsleven geregeld moest worden en er
vooraf individueel moest worden vastgelegd wanneer men van het
voorgenomen prepensioen gebruik wilde gaan maken. Dit onder
straffe dat anders het VUT deel, als onderdeel van het totale
prepensioen, niet meer zou kunnen worden uitgekeerd.
We hebben het
dus eigenlijk over een beperkte groep werknemer welke dus moeten kiezen
tussen:
1. Het opnemen
van de zelf gespaarde VUT gelden,
2. of het tot in lengte van dagen bijdragen in de "Bos belasting".
De meeste van
ons hebben hierin al hun keuze kenbaar moeten maken en staat de
ingangsdatum van het prepensioen inmiddels al vast.
Het nieuwe
kabinet dreigt nu van deze groep "Legkippen" te maken. In het
nieuwe regeerakkoord is afgesproken dat werknemers geboren na 1945, en
alsnog van welverdiende prepensioen dreigen te gaan genieten, na hun
officiële pensioen op 65 jarige leeftijd als straf gaan meebetalen aan
de verminderde AOW inkomsten als gevolg van de te verwachten
"vergrijzing". In principe gaat deze maatregel pas in na 2011 maar
geld dan voor alle werknemers geboren na 1945. M.a.w. als je geboren
bent b.v. in 1949 en op 60-jarige leeftijd in 2009 gebruik wilt maken
van je prepensioen, dan ga je alsnog na het bereiken van je 65-jarige
leeftijd in 2014 deze z.g. Bos belasting betalen. Dit volgens de
interpretatie zoals omschreven in het officiële regeerakkoord.
Alleen mensen die voor of in 2007 de leeftijd van 62 Jaar bereiken
vallen onder de "oude" regeling en zijn hiervan gevrijwaard.
Waar hebben we
het financieel eigenlijk over?
De berekeningen van de Partijvoorlichting van de Partij van de Arbeid
bagatelliseert dit enigszins door rekenvoorbeelden voor te spiegelen
welke een relatief klein bedrag per jaar laten zien. Echter dit is een
volledige verkeerde voorstelling van zaken.
Rekenvoorbeeld:
Uitgaande van een aanvullend Pensioen (boven de AOW uitkering) van
30.000 Euro. De eerste 18.000 Euro van het aanvullend pensioen is
gevrijwaard van de "Bos belasting". Over het resterende deel van
12.000 Euro ga je in het eerste jaar 0.6% = 72 Euro per jaar betalen.
Dit lijkt nogal mee te vallen. De realiteit is echter anders.
Het volgende jaar wordt dit bedrag verdubbeld tot 142 Euro. Het
jaar daarop komt er nog eens 72 Euro bij en na 3 jaar is dit inmiddels
opgelopen tot 216 Euro per jaar. Dit bedrag is na 30 Jaar (2040)
pensioen genieten inmiddels opgelopen tot, schrik niet, 2100 Euro per
jaar (17.5 %). Dit betekent niet meer dat alleen de eieren van de
Legkip worden afgenomen maar dat je dan zelfs volledig kaal geplukt
bent. Je zou dan inmiddels, zijnde uitgaande van geboren in 1950, de
leeftijd van 90 Jaar hebben bereikt.
Ik zie slechts
enkele methoden om dit dreigende onheil alsnog af te wenden.
1. Zorgen
dat de oppositie in de Eerste Kamer (uitgaande dat deze partijen tegen
zullen zijn) een absolute meerderheid kan bereiken.
Dit betekent dat je bij de komende Provinciale Staten verkiezingen dus
niet moet stemmen op de huidige door Balkenende gevormde
regeringspartijen.
(a.u.b. dan wel links van de PvdA stemmen! E.W.)
2. Nog
eerder stoppen met Werken en Pensioen premie betalen teneinde onder de
18000 Euro pensioen te blijven (niet realistisch). Zo niet dan
kunnen de huidige plannen rond de AOW u zeer duur komen te staan.
Een bijkomstigheid van deze maatregel zal zijn dat indien werknemers
alsnog zullen besluiten door te werken tot hun 65e jaar, de werkgevers
de gemiste VUT uitkering in hun zak kunnen steken. Hierover wordt
echter met geen woord gerept. Zo snijdt het mes aan beide zijden.
|